Jhah

Gepubliceerd op 3 oktober 2026 om 09:00

Er zijn mensen met wie ik nooit uitgepraat raak.

Nooit.

Zet ons op een onbewoond eiland zonder wifi, koffie of ook maar één nieuwe gebeurtenis en binnen tien minuten bespreken we waarom meeuwen altijd klinken alsof ze persoonlijk beledigd zijn.

Daarna vragen we ons af of een kokosnoot eigenlijk wel een noot is.

Om vervolgens via een kinderfeestje uit 1997, een vreemde droom en de onverklaarbare verdwijning van sokken uit te komen bij de vraag waarom je een avocado in de supermarkt altijd moet betasten alsof je hem eerst emotioneel toestemming vraagt.

Er zit geen lijn in.

Geen begin.

Geen doel.

Het gesprek gebeurt gewoon.

Het ene verhaal duwt het volgende naar voren.

Een herinnering roept een andere herinnering op.

Iemand zegt:

“Nu je het daar toch over hebt…”

En voor je het weet is het vier uur later.

Met deze mensen kan ik ook stil zijn.

Dat klinkt misschien tegenstrijdig, maar juist bij hen hoeft stilte niet te worden opgelost.

Je kunt naast elkaar zitten.

Uit het raam kijken.

Een slok koffie nemen.

En weten dat er niets mis is.

Het gesprek ligt niet stil.

Het rust alleen even uit.

En dan zijn er andere gesprekken.

Daarin valt na drie zinnen een stilte die veel langer duurt dan hij werkelijk duurt.

Je hebt gevraagd hoe het gaat.

Zij hebben gevraagd hoe het met jou gaat.

Het weer is besproken.

Het weekend ook.

Er is zelfs voorzichtig geïnformeerd naar mogelijke vakantieplannen.

En dan komt het.

Die diepe ademhaling.

“Jhah…”

Niet echt ja.

Niet echt een woord.

Meer het geluid van een gesprek dat zelf ook niet meer weet hoe het verder moet.

“Jhah…”

Bij de kapper gebeurt dit vaak.

Zij vraagt of ik nog vakantieplannen heb.

Ik zeg dat ik het nog niet weet.

Zij zegt dat het weer in Nederland ook steeds wisselvalliger wordt.

Ik bevestig dat.

Daarna kijken we allebei in de spiegel alsof daar misschien een nieuw gespreksonderwerp verschijnt.

“Jhah…”

Er bestaan mensen die eindeloos kunnen praten zonder werkelijk iets te zeggen.

Ze bespreken temperaturen.

Verkeer.

Drukte in de supermarkt.

Dat dinsdag dit jaar wel heel snel na maandag kwam.

Ik bewonder dat ergens.

Het is een talent.

Een vorm van sociaal watertrappelen waarbij niemand verdrinkt, maar ook niemand ergens aankomt.

Met de juiste mensen werkt het anders.

Dan hoeft een onderwerp niet belangrijk te zijn om het gesprek betekenis te geven.

We kunnen twintig minuten praten over een hond die precies op een witte broek ging zitten.

Of over het feit dat geroosterd brood midden in de nacht beter smaakt dan overdag.

We kunnen lachen om iets wat voor ieder ander volkomen onbegrijpelijk is.

Soms hoeven we alleen maar naar elkaar te kijken.

Dan weten we het al.

Ik weet niet precies waarom het met sommige mensen vanzelf gaat.

Misschien delen onze hersenen hetzelfde wifiwachtwoord.

Misschien herkennen we in elkaar dezelfde soort chaos.

Of misschien is het eenvoudiger.

Misschien voel je bij sommige mensen gewoon dat je niets hoeft te zoeken.

Niet naar een onderwerp.

Niet naar de juiste woorden.

Niet naar een versie van jezelf die goed in het gesprek past.

Je mag afdwalen.

Overdrijven.

Terugkomen op iets wat drie uur geleden werd gezegd.

Je mag lachen voordat je de zin hebt afgemaakt, omdat de ander allang weet waar hij naartoe gaat.

Dat zijn de mensen bij wie een dag samen nooit voelt als lang.

Alleen als te kort.

En wanneer ik daarna thuiskom, gebeurt er bijna altijd hetzelfde.

Ik denk ineens aan iets wat ik nog had willen vertellen.

Dus pak ik mijn telefoon.

Ik stuur:

“Dit was ik nog vergeten…”

En daar gaan we weer.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.